• Strategieën
    Door aanpassing van etiketten en het verschuiven van producten is voor plaagbestrijding in tal van teelten een strategie nodig die verder gaat dan alleen het afdoden van plagen, maar meer een beheersing van plagen door middel van gebruiken van alle beschikbare mogelijkheden en het vinden van de juiste balans.
    Gedurende de teelt is er (afhankelijk van teelt) deels een verschuiving chemische pesticiden naar bio-pesticiden. Voor een groot deel van de laatste groep moet de balans tussen gewas, plaag en omstandigheden sluitend zijn om een bedrijfszekere en kwalitatief hoogwaardige oogst te garanderen.

    De te volgen strategie moet dan al beginnen met de keuze van rassen. Naast de keuze voor een ras met maximale opbrengst kan bijvoorbeeld ook worden gekozen voor een ras met de hoogste ziekteresistentie/tolerantie.
    Voor veel teelten zijn door veredelingsbedrijven de laatste jaren nieuwe rassen ontwikkeld die naast een goede opbrengst en kwaliteit ook minder gevoelig zijn voor plagen. De meeste voorbeelden vinden we in verminderde gevoeligheid voor schimmels, maar ook tegen plagen zijn er grote verschillen tussen rassen (denk bijvoorbeeld aan verschillen van de gevoeligheid van sla rassen tegen groene slaluis).

    Omdat voor gevoeligheid tegen insecten de gegevens vaak zijn gebaseerd op door ervaring opgedane kennis, zijn vergelijkingen tussen rassen vaak toch moeilijk te maken omdat naast rassen, ook vaak omstandigheden en teeltmaatregelen een grote rol spelen.
    Om de gevoeligheid van rassen tegen verschillende insecten goed te bepalen zijn een aantal bio-toetsen in de laatste fase van ontwikkeling. Op een vrij snelle periode (denk in weken in plaats van maanden/jaren) kunnen rasverschillen dan goed worden gekwantificeerd.

    Het doel is enerzijds om beter bij een bepaald ras de passende teeltstrategie te vinden en anderzijds om rassen onderling te kwantificeren voor veredelingsdoeleinden.

    Bewaren

    Bewaren

Strategieën